Gisteravond nog een lief berichtje van een bloglezer op twitter. Positieve berichtjes doen me goed, geven me energie om verder te gaan. Ik ben blij dat zulke berichtjes binnen komen, het houdt me overeind.
Ik heb goed geslapen, een nacht van 9 uur gemaakt. Fijn, hopelijk wat minder chagrijnig. Ik ben verkouden geworden, heb het benauwd. Niet eigenwijs doen, ik neem mijn astma-medicijnen in. Normaal nooit. Als ik de badkamer inloop om mijn mond te spoelen zie ik een heel wit, moe meisje. Ik zie er ziek en beroerd uit, maar mijn geest weigert het te accepteren.
Beneden muziekje op en meezingen tijdens mijn ontbijt maken. Al snel slaat mijn stem vaak over, de verkoudheid begint ook op mijn stem te slaan. Als ik op de fiets stap regent het, ik word angstig. De vorige keer dat ik in de regen fietste ging ik onderuit en had ik veel extra pijn, gelukkig kom ik zonder te vallen op school aan. Door de kou wel meer pijn aan mijn voeten.
Een gedeelte van de dag loop ik moeilijk, lastig om aan de pijn toe te geven. Het liefst wil ik niets laten merken. Je wordt door iedereen ingehaald, het duurt lang en iedereen staart je aan. Uiteindelijk besluit ik toch proberen normaal te lopen, dit lukt redelijk, maar veroorzaakt wel meer pijn.
Aan het einde van de schooldag ben ik benauwder dan dat ik eerst was, ik besluit mijn extra medicijnen tegen astma in te nemen, hierna gaat het beter.
Na schooltijd fiets ik met Merel en Karlijn mee naar hun huis. Al een tijdje niet meer geweest, drukte, te veel pijn, afwezig of met de auto waren hier de oorzaak van. Gezelligheid, ook weer praten. Ook een tijdje geleden dat we voor het laatst met zijn drieën zijn geweest.
Ik fiets rond half 7 naar huis, laat. Op de fiets besef ik me dat ik dit nodig had, zoals vaak. Thuis weer veel pijn aan mijn voeten en handen dankzij de kou. Deze zomer had ik hoop dat het niet meer terug zou komen, het tegendeel is bewezen. Als ik wat opgewarmd ben eet ik wat en dan beginnen aan huiswerk. Al snel is mijn concentratie op, zoals vaak. Nu erger. De opdracht van mijn ergotherapeut spookt door mijn hoofd, volgens mij niet van plan te rusten totdat ik een antwoord heb.
Mijn ziekte is fysiek heel zwaar. Vaak vergeten mensen dat ook het ook mentaal heel zwaar is, misschien wel zwaarder. Ik bots vaak tegen mezelf aan. En ga maar langs de kant staan terwijl je zo graag mee wil doen.
Veel gesprekken, veel mensen hebben vertrouwen en hoop. Dat delen ze met me. Ik begin het langzaam te verliezen. Het duurt zo lang, ik ben er klaar mee. Maar het stopt niet, ook niet als ik er geen zin meer in heb. Blij dat er mensen nog wel geloven, ook blij dat ze wel begrijpen dat ik het niet meer heb.
Ik besefte vandaag dat ik over 3 weken alweer een jaar ziek ben. De tijd gaat snel. De mijlpaal die we niet willen halen komt steeds dichterbij, ik heb geen idee hoe ik erop ga reageren. Ik zie er tegenop.
Morgen weer een dagje school, eerst nog een nachtje doorkomen. Ik hoop op veel slaap, maar ik twijfel of dat gaat lukken. Er is een grote kans dat de benauwdheid me wakker houdt, maar we hopen. Altijd blijven hopen, altijd.
Ik heb goed geslapen, een nacht van 9 uur gemaakt. Fijn, hopelijk wat minder chagrijnig. Ik ben verkouden geworden, heb het benauwd. Niet eigenwijs doen, ik neem mijn astma-medicijnen in. Normaal nooit. Als ik de badkamer inloop om mijn mond te spoelen zie ik een heel wit, moe meisje. Ik zie er ziek en beroerd uit, maar mijn geest weigert het te accepteren.
Beneden muziekje op en meezingen tijdens mijn ontbijt maken. Al snel slaat mijn stem vaak over, de verkoudheid begint ook op mijn stem te slaan. Als ik op de fiets stap regent het, ik word angstig. De vorige keer dat ik in de regen fietste ging ik onderuit en had ik veel extra pijn, gelukkig kom ik zonder te vallen op school aan. Door de kou wel meer pijn aan mijn voeten.
Een gedeelte van de dag loop ik moeilijk, lastig om aan de pijn toe te geven. Het liefst wil ik niets laten merken. Je wordt door iedereen ingehaald, het duurt lang en iedereen staart je aan. Uiteindelijk besluit ik toch proberen normaal te lopen, dit lukt redelijk, maar veroorzaakt wel meer pijn.
Aan het einde van de schooldag ben ik benauwder dan dat ik eerst was, ik besluit mijn extra medicijnen tegen astma in te nemen, hierna gaat het beter.
Na schooltijd fiets ik met Merel en Karlijn mee naar hun huis. Al een tijdje niet meer geweest, drukte, te veel pijn, afwezig of met de auto waren hier de oorzaak van. Gezelligheid, ook weer praten. Ook een tijdje geleden dat we voor het laatst met zijn drieën zijn geweest.
Ik fiets rond half 7 naar huis, laat. Op de fiets besef ik me dat ik dit nodig had, zoals vaak. Thuis weer veel pijn aan mijn voeten en handen dankzij de kou. Deze zomer had ik hoop dat het niet meer terug zou komen, het tegendeel is bewezen. Als ik wat opgewarmd ben eet ik wat en dan beginnen aan huiswerk. Al snel is mijn concentratie op, zoals vaak. Nu erger. De opdracht van mijn ergotherapeut spookt door mijn hoofd, volgens mij niet van plan te rusten totdat ik een antwoord heb.
Mijn ziekte is fysiek heel zwaar. Vaak vergeten mensen dat ook het ook mentaal heel zwaar is, misschien wel zwaarder. Ik bots vaak tegen mezelf aan. En ga maar langs de kant staan terwijl je zo graag mee wil doen.
Veel gesprekken, veel mensen hebben vertrouwen en hoop. Dat delen ze met me. Ik begin het langzaam te verliezen. Het duurt zo lang, ik ben er klaar mee. Maar het stopt niet, ook niet als ik er geen zin meer in heb. Blij dat er mensen nog wel geloven, ook blij dat ze wel begrijpen dat ik het niet meer heb.
Ik besefte vandaag dat ik over 3 weken alweer een jaar ziek ben. De tijd gaat snel. De mijlpaal die we niet willen halen komt steeds dichterbij, ik heb geen idee hoe ik erop ga reageren. Ik zie er tegenop.
Morgen weer een dagje school, eerst nog een nachtje doorkomen. Ik hoop op veel slaap, maar ik twijfel of dat gaat lukken. Er is een grote kans dat de benauwdheid me wakker houdt, maar we hopen. Altijd blijven hopen, altijd.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten