Vorig jaar dacht ik nog dat het niet meer goed zou komen met
me, dat ik geen diploma zou halen en voor de rest van mijn leven aan de bank
gekluisterd zou zitten. Ik wist niet meer goed wat ik van de rest van mijn
leven moest verwachten en ik dacht dat verbetering voor mij niet meer haalbaar
was. Een hele donkere gedachte die eigenlijk nergens op gebaseerd was.
Begin dit jaar begon ik met een intern revalidatietraject in
Utrecht. Acht weken lang heb ik ontzettend veel therapieën gehad. Ik ging met
stappen vooruit. In hele korte tijd liep ik weer normaal in plaats van te
strompelen, leerde ik op een andere manier schrijven en sportte ik mee met het
rustige sportgroepje. Langzaam begon ik in mezelf te geloven en leerde ik dat
mijn lichaam meer aankan dan ik eigenlijk zelf denk.
Op 28 februari nam ik afscheid. Het ritueel is daar dat je dan
op de tafel moet staan terwijl er een afscheidspraatje over je wordt gehouden. Toen
ik op de tafel stapte voelde het in het begin heel ongemakkelijk, maar
uiteindelijk besefte ik me op dat moment dat het liet zien hoeveel ik bereikt
had en voelde het ook wel oké.
Ik ben alweer een tijdje thuis en op dit moment ga ik halve
dagen naar school. Met een opbouwschema ben ik bezig om uiteindelijk dit op te
krikken tot hele dagen. Ook heb ik gesolliciteerd bij de Efteling en kreeg ik pas
het bericht dat ik ben aangenomen. Het gaat nog steeds niet allemaal vlekkeloos,
maar het gaat wel beter dan hoe het eerst was. Langzaam begin ik stappen terug te
zetten naar het normale leven en leer ik dat ook ik succes kan boeken, daar ben
ik trots op.
Succes gaat niet om op welk punt je op de maatschappelijke
ladder staat of dat je iets beter doet dan iemand anders. Het gaat erom dat je
gelooft in jezelf en dat je groeit omwille van je eigen maatstaven. Iedereen
kan wel iets bereiken op zijn of haar niveau. En zoals mijn fysiotherapeut
altijd tegen mij zei: ‘Je kan alles, je moet alleen in jezelf geloven.’
