zondag 24 februari 2013

Zaterdag 16 februari 2013

Een slechte nacht, veel hoesten. Rond half 6 's ochtends hou ik een gesprek met mezelf in mijn hoofd, ik probeer me met fantaseren weer in slaap te laten vallen. 'Welkom in de nachtwinkel, wat kan ik voor u betekenen?' 'Een beetje slaap zou wel prettig zijn.' Ik blijf draaien, over een paar uur moet ik vertrekken naar Woerden, kan ik wel gaan? Ik betwijfel het, ik wil het zo graag.

Na uiteindelijk nog wat draaien val ik weer in slaap. Om kwart voor 9 moet ik uiteindelijk uit bed. Ik blijf nog even liggen.  Daarna paracetamol erin en kijken hoe het gaat als ik wat doe. Ik hoest weinig en naar mijn gevoel hou ik de reis wel vol, op naar Woerden! Ik start met de auto naar 's-Hertogenbosch. Daarna een kaartje kopen op het station. De trein die ik wilde nemen is geschrapt, de trein daarvoor heeft 5 minuten vertraging. Ik trek een sprintje, ik ben net op tijd.

Als ik in de trein zit ben ik al moe, na een kwartiertje zet ik muziek op, Racoon. Ik wil de andere dingen in de trein niet horen, mezelf even uit de wereld laten verdwijnen omdat ik misselijk word van het geschommel. Misschien was het toch niet zo'n goed idee om te gaan. Op Utrecht Centraal ben ik eerder dan de planning, ik haal een broodje en eet dat op. Daarna loop ik naar het perron waar ik zijn moet, heel veel treinen vallen uit. De trein die voor de trein die ik zou nemen komt staat er al. Ik besluit deze te nemen, geen risico lopen. Zodra de trein gaat rijden komt de trein die ik zou nemen op het andere spoor aangereden.

In Woerden uitstappen, als ik langs de trein loop zie ik een docent van mijn school in de trein zitten. Even de weg zoeken op het station, daarna wachten op de auto met Kirsten en haar vader. Daarna een tijdje rijden. Als we bij haar huis zijn gaan we even naar boven, daarna weer naar beneden. We maken er een spelletjesmiddag van. Langzaam aan word ik steeds hangeriger, ik voel me ook steeds beroerder. Ik heb het koud met een dik vest aan. Ze ziet het aan me, merkt het op. En dat terwijl ik het probeer te verbergen, zoals ik dat normaal doe. Lotgenootjes zien het.

Even later liggen we op haar bed boven, gezellig kletsen. Ik ben moe, voel me ziek en heb rillingen. Halverwege het gesprek slik ik paracetamol, daarna nog een foto maken en kletsen. Op tijd weer terug met de auto naar het station. Het was gezellig, ondanks dat ik zo beroerd was.

De trein naar Utrecht, hangend tegen het raam aan. Mijn batterij is leeg, vraag me af hoe ik de hele reis ga overleven. Op het station haal ik 2 cheeseburgers, daarna loop ik weer naar het perron waar ik zijn moet. De trein vertrekt op een ander spoor en is laat. Er wordt gerookt, mijn astma komt erbij kijken. Nog meer hoesten, de benauwdheid vertrekt niet meer. Happen naar adem. Bang dat ik omval. Ik ben blij als ik weer zit, het is druk in de trein. Veel gillende kinderen om me heen, een wat oudere vrouw naast me. Na een aantal hoestbuien biedt ze me een dropje aan, ik hoef niet. Het enige wat ik wil is mijn bed. Als ik aankom in 's-Hertogenbosch moet ik wachten op de auto naar huis. Ik blijf boven wachten, kijkend naar de weg of ik de auto al zie. Ik ben licht in mijn hoofd, het lukt me niet meer om recht te lopen.

Eenmaal thuis ga ik meteen op de bank liggen, ik heb geen fut meer om te vertellen hoe gezellig ik heb het gehad. Ze moeten het doen met een kort antwoord. Mijn oudste broer is er, ik wil graag een spelletje met hem doen, dit keer wel winnen. Maar zelfs daar is mijn energie te laag voor, rechtop zitten gaat niet meer. Mijn moeder voorspelt dat de griep gaat doorzetten, ik voorspel met haar mee. Verhoging, rillingen, hoofdpijn, keelpijn, hoesten. Verhoging wordt koorts. Het kost me veel moeite om uiteindelijk naar boven te gaan en mijn bed in te stappen. Tijd om te slapen, hopelijk gaat het morgen beter. Ik hoop het, maar ik denk het niet.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten